Op 1 januari 2021 had 78,9 % van de inwoners van Zoutleeuw tussen 20 en 64 jaar werk — 157e van 565 gemeenten (Statbel, Census 2021).
10 jaar eerder, in 2011, was het 73,2 %: een stijging van 5,7 procentpunt. Statbel: in 2011 werd het aantal werknemers bij Europese en internationale instellingen onderschat; waar velen van hen wonen, overschat de vergelijking met 2011 de stijging.
Zoutleeuw ligt 7,2 procentpunt boven het Belgische cijfer (71,7 %) en 1,2 procentpunt boven de provincie Vlaams-Brabant (77,7 %).
Zoutleeuw ligt in het arrondissement Leuven, provincie Vlaams-Brabant, Vlaams Gewest.
Over deze cijfers: bron Statbel — Census 2021, referentieperiode 1 januari 2021; bijgewerkt op .
| Cijfer | Waarde |
|---|---|
| Werkgelegenheidsgraad 20–64 jaar (1 januari 2021) | 78,9 % |
| Inwoners van 20 tot 64 jaar (Census 2021) | 4.916 |
| Werkende inwoners van 20 tot 64 jaar | 3.877 |
| Werkloosheidsgraad 15–64 jaar | 3,5 % |
| Jobs in de gemeente, door inwoners van België | 1.902 |
| Werkende inwoners (alle leeftijden) | 3.975 |
| Pendelsaldo (jobs min werkende inwoners) | −2.073 |
| Bevolking (1 januari 2026) | 8.805 inwoners |
| Gemiddeld inkomen (inkomstenjaar 2023 · aanslagjaar 2024) | € 42.159 |
| Mediaanprijs woning (2025) | € 252.000 |
| Misdaadcijfers (2025) | 47,1 per 1.000 inwoners |
| Aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting (aanslagjaar 2024) | 8,3 % |
| Gemeentebelasting op vastgoed, in % van het kadastraal inkomen (aanslagjaar 2026) | 37,5 % |
| Gemiddelde leeftijd (1 januari 2026) | 46,3 jaar |
| Inwoners met een niet-Belgische nationaliteit (1 januari 2026) | 4,4 % |
| Letselongevallen per 1.000 inwoners (2025) | 1,2 per 1.000 inwoners |
| Werkzoekenden met een werkloosheidsuitkering (2025) | 1,9 per 100 inw. 18–64 |
Referentiedatum: 1 januari 2021 · Bron: Statbel — Census 2021
In Zoutleeuw had op 1 januari 2021 78,9 % van de inwoners tussen 20 en 64 jaar werk (Statbel, Census 2021: administratieve gegevens, geen enquête).
Zoutleeuw staat op plaats 157 van 565 gemeenten voor werkgelegenheidsgraad 20–64 (%) (78,9 %), +7,2 procentpunt tegenover het Belgische cijfer (71,7 %).
Van 73,2 procent van de 20- tot 64-jarigen in 2011 naar 78,9 procent van de 20- tot 64-jarigen in 2021 (+5,7 procentpunt).
Statbel: in 2011 werd het aantal werknemers bij Europese en internationale instellingen onderschat; waar velen van hen wonen, overschat de vergelijking met 2011 de stijging.