In 2025 kregen in Alken gemiddeld 1,8 op 100 inwoners van 18 tot 64 jaar een werkloosheidsuitkering als werkzoekende — het 452e hoogste cijfer van 564 gemeenten (RVA).
Een jaar eerder, in 2024, was het 2,0 per 100 inwoners van 18 tot 64 jaar: een daling van 0,2 procentpunt.
Alken ligt 2,3 procentpunt onder het Belgische cijfer (4,1 per 100 inw. 18–64) en 0,6 procentpunt onder de provincie Limburg (2,4).
Alken ligt in het arrondissement Tongeren, provincie Limburg, Vlaams Gewest.
Over deze cijfers: bron RVA — Volledige werkloosheid per gemeente, referentieperiode 2025, jaargemiddelde; bijgewerkt op .
| Cijfer | Waarde |
|---|---|
| Werkzoekenden met een werkloosheidsuitkering (2025) | 1,8 per 100 inw. 18–64 |
| Inwoners van 18 tot 64 jaar (1 januari 2026) | 6.985 |
| Werkzoekenden met uitkering (jaargemiddelde 2025) | 128 |
| Alle volledig werklozen met uitkering (jaargemiddelde 2025) | 134 |
| Waarvan kunstwerkers met uitkering (jaargemiddelde 2025) | minder dan 10 |
| Bevolking (1 januari 2026) | 11.943 inwoners |
| Gemiddeld inkomen (inkomstenjaar 2023 · aanslagjaar 2024) | € 43.365 |
| Mediaanprijs woning (2025) | € 325.000 |
| Misdaadcijfers (2025) | 42,9 per 1.000 inwoners |
| Aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting (aanslagjaar 2024) | 7,0 % |
| Gemeentebelasting op vastgoed, in % van het kadastraal inkomen (aanslagjaar 2026) | 36,7 % |
| Gemiddelde leeftijd (1 januari 2026) | 45,6 jaar |
| Inwoners met een niet-Belgische nationaliteit (1 januari 2026) | 4,7 % |
| Letselongevallen per 1.000 inwoners (2025) | 2,1 per 1.000 inwoners |
| Werkgelegenheidsgraad 20–64 jaar (1 januari 2021) | 79,3 % |
Referentiedatum: 2025, jaargemiddelde · Bron: RVA — Volledige werkloosheid per gemeente
In Alken kregen in 2025 gemiddeld 1,8 op 100 inwoners van 18 tot 64 jaar een werkloosheidsuitkering als werkzoekende (RVA). Dat is geen werkloosheidsgraad: werkzoekenden zonder uitkering tellen niet mee en de noemer is de bevolking.
Alken staat op plaats 452 van 564 gemeenten voor werkzoekenden met uitkering per 100 inw. (18–64) (1,8 per 100 inw. 18–64), −2,3 procentpunt tegenover het Belgische cijfer (4,1 per 100 inw. 18–64).
Van 3,1 per 100 inwoners van 18 tot 64 jaar in 2017 naar 1,8 per 100 inwoners van 18 tot 64 jaar in 2025 (−1,3 procentpunt).