Met een werkgelegenheidsgraad van 63,6 % bij de 20- tot 64-jarigen (Census 2021) staat Anderlues 526e van 565 gemeenten, van hoog naar laag.
De werkgelegenheidsgraad lag in 2021 7,3 procentpunt hoger dan in 2011 (56,3 → 63,6 %). Statbel: in 2011 werd het aantal werknemers bij Europese en internationale instellingen onderschat; waar velen van hen wonen, overschat de vergelijking met 2011 de stijging.
Ter vergelijking: België 71,7 %, de provincie Henegouwen 63,8 % — Anderlues zit 8,1 procentpunt onder het Belgische cijfer.
Anderlues ligt in het arrondissement Thuin, provincie Henegouwen, Waals Gewest.
Over deze cijfers: bron Statbel — Census 2021, referentieperiode 1 januari 2021; bijgewerkt op .
| Cijfer | Waarde |
|---|---|
| Werkgelegenheidsgraad 20–64 jaar (1 januari 2021) | 63,6 % |
| Inwoners van 20 tot 64 jaar (Census 2021) | 7.251 |
| Werkende inwoners van 20 tot 64 jaar | 4.612 |
| Werkloosheidsgraad 15–64 jaar | 14,1 % |
| Jobs in de gemeente, door inwoners van België | 3.462 |
| Werkende inwoners (alle leeftijden) | 4.716 |
| Pendelsaldo (jobs min werkende inwoners) | −1.254 |
| Bevolking (1 januari 2026) | 13.107 inwoners |
| Gemiddeld inkomen (inkomstenjaar 2023 · aanslagjaar 2024) | € 33.323 |
| Mediaanprijs woning (2025) | € 190.000 |
| Misdaadcijfers (2025) | 63,9 per 1.000 inwoners |
| Aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting (aanslagjaar 2024) | 8,8 % |
| Gemeentebelasting op vastgoed, in % van het kadastraal inkomen (aanslagjaar 2026) | 37,5 % |
| Gemiddelde leeftijd (1 januari 2026) | 41,7 jaar |
| Inwoners met een niet-Belgische nationaliteit (1 januari 2026) | 9,3 % |
| Letselongevallen per 1.000 inwoners (2025) | 2,3 per 1.000 inwoners |
| Werkzoekenden met een werkloosheidsuitkering (2025) | 6,0 per 100 inw. 18–64 |
Referentiedatum: 1 januari 2021 · Bron: Statbel — Census 2021
In Anderlues had op 1 januari 2021 63,6 % van de inwoners tussen 20 en 64 jaar werk (Statbel, Census 2021: administratieve gegevens, geen enquête).
Anderlues staat op plaats 526 van 565 gemeenten voor werkgelegenheidsgraad 20–64 (%) (63,6 %), −8,1 procentpunt tegenover het Belgische cijfer (71,7 %).
Van 56,3 procent van de 20- tot 64-jarigen in 2011 naar 63,6 procent van de 20- tot 64-jarigen in 2021 (+7,3 procentpunt).
Statbel: in 2011 werd het aantal werknemers bij Europese en internationale instellingen onderschat; waar velen van hen wonen, overschat de vergelijking met 2011 de stijging.